16 coole tips om de gascrisis door te komen

Geschatte leestijd: 7 minuten

Riemen vast! Na mijn artikel Gascrisis van oktober vorig jaar kwamen we pas echt in een achtbaan terecht. Op het moment dat ik dit artikel schrijf, is de gasprijs drie euro per kuub, ruim drie keer zo hoog als een jaar geleden (en zie hier de actuele energieprijzen). De energieprijzen blijven maar stijgen, net als die van de boodschappen. Moet je drastisch bezuinigen en wil je het toch leuk houden? Lees mijn 16 coole besparingstips hieronder. Zo komt Jan Splinter door de winter.

gasprijs energieprijs gascrisis

Stoken in een vintage flatje

Vorig jaar om deze tijd verhuisde ik naar een sfeervol maar matig geïsoleerd hoekappartementje uit 1960. Kort daarna explodeerden de energieprijzen. Kon ik dit bolwerken met mijn nog lage en onzekere inkomen? Ik bespaarde waar ik maar kon en dat zette zoden aan de dijk. Het eerste jaar verbruikte ik 380 kuub gas en 1300 kWh elektriciteit, een fractie van het historisch verbruik op mijn adres. En dat met 100% thuiswerken!

Een nieuwe hobby

Meten is weten. Daarom schafte ik een P1-meter aan. Die geeft in een app real time een gedetailleerd beeld van je verbruik en de kosten. Als vanzelf gingen die omlaag, gewoon door het inzicht. In een vloek en een zucht had ik de aanschaf terugverdiend én ik had er een hobby bij. Een heleboel kleine veranderingen in gewoontes en levensstijl brachten mijn verbruik drastisch omlaag. Waardevolle bijvangst is natuurlijk dat ik het milieu minder belast en een lange neus maak naar Poetin. Zuinigheid is salonfähig en geopolitiek correct geworden. Tel uit je winst.

Mijn 16 coole energiebesparingstips

Niet al deze tips zijn even gemakkelijk of leuk. Maar je blijft er misschien net mee uit de schulden. Of je houdt geld over voor leukere dingen dan gas en stroom. Dure investeringen zijn voorlopig niet nodig.

  1. Richt je pijlen op de koudste maanden. Op een koude winterdag verstook je in een eengezinswoning al snel 10 kuub gas. Dat kost je met de huidige tarieven dus 30 euro. Hoe kouder het buiten is, hoe meer rendement je behaalt met drastische aanpassingen zoals tip 2 en 5. Pas die tips daarom (alleen of vooral) toe als ze naar verhouding veel opbrengen: van december tot en met februari of in vorstperiodes. Zo bespaar je relatief veel in een korte tijdsspanne. Het onvermijdelijke afzien is beter te overzien.
  2. Reorganiseer tijdelijk je huis: beperk de leefruimte. Richt gedurende de wintermaanden een kleinere of andere ruimte in als woonkamertje. Hoe minder kubieke meters je verwarmt, hoe lager de kosten. Ik heb schuifdeuren laten maken tussen voor- en achterkamer. In de koudste periode verwarm ik mijn voorkamer of werkkamer tot 18 of 19 graden, de achterkamer tot 15 of 16, en mijn slaapkamer verwarm ik niet. Het kan nog radicaler. Een kleine inpandige ruimte verwarm je heel voordelig. Mijn hospita in de jaren ’80 gebruikte haar ruime hal ’s winters als woonkamer. Van het bespaarde geld bekostigde ze haar rookverslaving.
  3. Zet de thermostaat ’s nachts helemaal laag in een slecht geïsoleerd huis. Het algemene advies is om de nachttemperatuur niet lager in te stellen dan vijf graden onder de dagtemperatuur, want een huis opwarmen kost meer dan het warm houden. Dat klopt, maar dat geldt alleen voor goed geïsoleerde huizen. Mijn achterkamer heeft enkel glas en ik heb aan drie kanten ongeïsoleerde buitenmuren. Daarom laat ik mijn huis ’s nachts helemaal afkoelen.
  4. Laat de zon je huis opwarmen. Het loont de moeite om de thermostaat ’s morgens niet onmiddellijk hoog te zetten. Met name op onbewolkte dagen neemt de zon de eerste graden temperatuurstijging graag voor zijn rekening. Vooral in een huis met grote ramen op het oosten en zuiden scheelt dat een slok op een borrel.
  5. Warm de woonkamer alleen op als je thuisblijft. Een koud huis opwarmen vreet gas. Ga je naar je werk, verwarm dan niet de hele woonkamer voor dat ene uurtje met brood, krant en koffie. Richt liever een kleine ruimte in als ontbijtplek en verwarm die kort met een elektrisch kacheltje. Misschien past er een klaptafeltje in de hal?
  6. Probeer koud water te gebruiken in plaats van warm…. Water verwarmen kost relatief veel: gemiddeld 20% van het gasverbruik gaat daar aan op en de warmte verdwijnt in het riool. Hoe vaak gebruik je niet gedachteloos de warme kraan? Het is even wennen, maar bijna alles lukt gewoon met koud. Experimenteer en puzzel uit waar voor jou de grens ligt.
  7. …. en probeer ook of koud douchen iets voor je is. Je voelde hem vast al aankomen. Ik begon er in 2015 mee, als proefkonijn van de Cool Challenge. Het is even wennen, maar deze gezonde gewoonte bespaart je per persoon een paar euro in de week. Je lichaam went snel en je ervaart allerlei extra voordelen. Temperatuurverschillen deren je minder, doordat je inwendige thermostaat actiever wordt. Koud douchen stelt ook je amygdala anders in, het angstcentrum in je brein. In een spectrum dat loopt van angst tot euforie schuif je op richting een basisgemoedstoestand waarmee je de wereld beter aankunt. Een kanttekening: zelfs als je er helemaal aan gewend bent, zie je er elke keer weer tegenop. Maar dat rotgevoel is direct over zodra het koude water over je heen stroomt en je voelt wat dat met je doet. Als klap op de vuurpijl komt er minder vocht in je huis, je spiegel beslaat niet en je huid droogt minder uit.
  8. Combineer stoken en ventileren handig. Ventileren is nodig voor een gezond binnenklimaat. Het houdt de lucht droog en droge lucht laat zich beter verwarmen. Maar het is ook zonde: je vervangt warme lucht door koude. Als ik een kamer opwarm, doe ik de ventilatieroosters dicht tot de meubels en muren op temperatuur zijn en ze de lucht warm houden. Daarna zet ik de roosters een klein stukje open en als ik bezoek heb helemaal.
  9. Reduceer sluipverbruik…. De P1-meter liet zien dat die leuke lampen en stopcontacten die je met een app of afstandsbediening aan en uit schakelt en kunt dimmen, ieder permanent 1 Watt stroom verbruiken. Weg ermee! Met de schakelaar op de stekkerdozen zet ik nu alle audio- en computerapparatuur en opladers helemaal uit na gebruik. Mijn sluipverbruik heb ik zo teruggebracht tot 17 Watt.
  10. …. maar maak je daarover geen zorgen in verwarmde ruimtes. Deze supertip kreeg ik van een ingenieur! Sluipverbruik is ongewenste en onnodige warmteproductie van apparaten en opladers. Het is vooral een zomerprobleem. In de winter draagt sluipverbruik namelijk bij aan de verwarming en verhoogt het de kosten niet. Kijk in de winter dus onbekommerd films op je grote plasmascherm, maar zet de apparatuur ’s nachts volledig uit. En kijk buiten het stookseizoen liever tv op je tablet of telefoon.
  11. Houd de lucht in huis droog. Vochtige lucht verwarmen kost meer energie, en vocht veroorzaakt schimmel. In mijn oude hoekappartement komt de luchtvochtigheid al snel boven de 60%. Action heeft een spotgoedkope thermo-/hygrometer waarmee je het klimaat in huis in de gaten kunt houden. Centrifugeer op de hoogste snelheid (1200 of 1400 toeren) en droog de was buiten of in een onverwarmde ruimte. Ik droog de was in de gesloten keuken, waar de cv-ketel hangt. De warmte van de ketel benut ik op die manier handig. Kook met deksels op de pannen en de afzuigkap aan. Maak na het douchen de wanden droog met een trekkertje. En overweeg eens om mijn tip 7 op te volgen.
  12. Kook verstandig. De P1-meter laat zien dat koken weinig gas hoeft te kosten en dat het vooral uitmaakt hoe je dat doet. Roerbakken bijvoorbeeld vreet gas. Koken op een laag pitje met het deksel op de pan zie je daarentegen nauwelijks terug in je verbruik. Wil je het nog zuiniger doen, maak dan een hooikist, bijvoorbeeld met een koelbox of een oude slaapzak en eventueel wat restjes radiator- of aluminiumfolie. En voor meer dagen tegelijk koken spaart energie en tijd.
  13. Programmeer je cv-ketel: de warmwaterbuffer. Moderne ketels kun je zelf programmeren. Instructies vind je in handige YouTubefilmpjes van bijvoorbeeld Ketelklets en John Visser cv-optimalisatie. Als je mijn tips 6 en 7 opvolgt, hoeft je niet permanent een warmwatervoorraad aan te houden. Kies dus niet voor de comfortstand, maar zet de buffering uit of op de zelflerende ecostand.
  14. Programmeer je cv-ketel: de temperatuur van het circulerende water. De temperatuur van het kraanwater en dat van de radiatoren is meestal apart in te stellen. Standaard circuleert er water van 80 graden. Dat kan sowieso omlaag naar 60 en ik heb de temperatuur zelfs probleemloos op 40 graden gezet. Bijkomend voordeel is dat de radiatoren vaker warm worden, maar minder heet. Zo verwarm je gelijkmatiger en de stank van verbrand stof blijft je bespaard.
  15. Programmeer je cv-ketel: de temperatuur van het kraanwater. Het hete kraanwater kan kouder. Je leest waarschuwingen dat je vanwege legionellagevaar de temperatuur niet lager moet instellen dan 60 graden, maar als je mijn tip 13 opvolgt, loopt dat zo’n vaart niet. Ik heb het warme water op 40 graden ingesteld.
  16. Tot slot: investeer bedachtzaam. Pas bijvoorbeeld op voor de wet van de remmende voorsprong. De technologische innovaties in het kader van de energietransitie gaan razendsnel. Huiseigenaren zijn hals over kop aan het investeren geslagen. Er zijn aantrekkelijke subsidies beschikbaar en de voorgespiegelde terugverdientijd wordt korter door de hoge energieprijzen. Ja, verduurzamen is belangrijk, maar wat vandaag helemaal state of the art is, kan morgen al ouwe meuk zijn. Ik denk daarbij terug aan de super-de-luxe PC die mijn toenmalige vriend en ik in 1989 op afbetaling bij de FNV kochten, voor 6000 gulden + 1000 gulden rente. Dat ding kon linea recta naar de kringloop toen we na twee jaar de laatste termijn hadden betaald. Voor energiebesparing zoek ik de oplossing daarom voorlopig liever in isolatie en een superzuinige levensstijl dan in technologie. En ik heb daar nog een reden voor. Die technologische hoogstandjes zijn kwetsbaar. Onderdelen zijn schaars en goed opgeleid onderhoudspersoneel al helemaal. En wat ik zeker geen dag te vroeg aan zal schaffen, is een hybride warmtepomp. Zo’n ding vreet grijze stroom (ik heb geen zonnepanelen) en heeft alsnog een gasaansluiting nodig. En voor je dure geld krijg je er een hoop herrie bij.

Sterkte gewenst, Jan Splinter

Ik hoop dat je wat hebt aan mijn tips en zonder grote geldzorgen de winter doorkomt. Laat het me weten als je aanvullingen of correcties hebt en deel je ervaringen hieronder!

Ik heb een schuilkelder

Geschatte leestijd: 2 minuten

Met schuilkelders is het net als met verzekeringen en airbags: je hoopt ze nooit te hoeven gebruiken.

Schuilkelder

Mijn vintage flatje uit 1960, in de Dichtersbuurt in het vestingstadje Weesp, beschikt over een officiële schuilkelder. De ruime bergingen in het souterrain zijn ontworpen met een dubbelfunctie. In vredestijd stal je er je fiets en je tuinmeubels. In oorlogstijd kun je er binnendoor naartoe om te schuilen tot het gevaar geweken is. Het gemeenschappelijke gedeelte heeft een rookkanaal, zodat de bewoners zich kunnen warmen bij een kacheltje.

Schuilkelders in de Dichtersbuurt in Weesp
Het ontsnappingsluik en het rookkanaal.

In puin geschoten

Atoomschuilkelders zijn het niet. De ruimtes zijn bedoeld om er een conventionele luchtaanval te overleven. In de dikke dragende muren zitten openingen met brandwerende scheidingswandjes, die je in geval van nood kunt openbreken. Tegen de zijmuur van het gebouw is een losse betonnen plaat bevestigd met een ijzeren stang die van binnenuit is los te draaien. De bewoners kunnen zo ontsnappen uit hun in puin geschoten gebouw.

Schuilkelders in de Dichtersbuurt in Weesp
De betonnen plaat tegen de zijgevel.

Koude Oorlog

Toen ik op 7 februari 2022 in een tijdschriftartikel las waar dat geheimzinnige luik voor dient, was ik getroffen door het tijdsbeeld. 1960, hartje Koude Oorlog. De tijd dat de overheid burgers adviseerde om zich bij een kernaanval onder de trap te verschansen. Wát een ander tijdperk, wát een andere zorgen. De mensen van toen leefden met oorlogsdreiging, wij met een pandemie en een klimaatcrisis.

Oekraïne

Maar later diezelfde maand gebeurde het onvoorstelbare. Op 24 februari, vandaag vier weken geleden, viel Rusland Oekraïne binnen. Sindsdien zien we dagelijks beelden van gebombardeerde flatgebouwen en schuilkelders. Daar verschansen zich mensen die tot voor kort, net als wij, onbekommerd naar theaters en winkelcentra gingen. Hun kelderbergingen gebruikten ze toen nog, net als wij, om hun fietsen en tuinmeubels te stallen.

Oorlogsdreiging

De oorlogsdreiging van 1960 is weer helemaal terug. Sterker nog, de kans op een derde wereldoorlog is groter dan ooit. Het lijkt een kwestie van tijd tot Nederland, als lid van de NAVO, erin gezogen wordt. Hoe zal zo’n oorlog eruitzien in de 21e eeuw? Daar denk ik maar liever niet over na. En mijn keldertje? Daar zet ik voorlopig maar gewoon mijn fiets.

Meer lezen over mijn nieuwe woonplaats Weesp?

Van Amsterdam naar Weesp

De mijmerende tekstschrijver

Ik heb een schuilkelder

Mentaliteit

Geschatte leestijd: 2 minuten

Hij neemt de twee tot de rand gevulde papieren tassen van Marqt in ontvangst. Bij zijn fiets kijkt hij alvast. Wat een goede vangst vandaag! Hij laadt de hertenbiefstuk, de entrecote en de zalm over in zijn rugzak. De tiramisu en de cheesecake legt hij er voorzichtig bovenop. De overige spullen stopt hij bijelkaar in één papieren tas, de andere gaat in de prullenbak.

Als hij even later de deur van één hoog passeert, gaat die net open. Elsa, met haar brievenbussleutel in de hand. Ze kijkt hem stralend aan en laat haar ogen naar de papieren tas afglijden.

‘Haai, buuv’, zegt hij vrolijk, ‘alles goed? Too Good To Go is weer véél teveel voor ons, kan ik nog wat aan jou kwijt? Wil je misschien een pakje tempeh?’

Ze glimlacht en zegt ‘Eh, nee dank je, die van vorige week ligt ook nog in de koelkast.’

‘Een pak magere yoghurt dan?’

‘Eh, ja, doe die maar.’ Wat heb je allemaal nog meer gekregen vandaag?

Hij zet de tas op de grond en laat haar kijken. Twee preien en een spitskool. Een bak tofu. Twee pakken magere melk. Drie zakken gesneden soepgroenten.

‘Wat een saaie dingen zeg, jij hebt ook altijd pech. Ik had gisteren mosselen en pizza in de tas. En trouwens, ook sticky toffee banana cake. Weet je wat? Wil jij een stukje? Dan heb je toch nog wat lekkers.’

‘Oh graag, heerlijk! Ja, het is de ene keer lekkerder dan de andere keer. Maar daar doe ik het natuurlijk niet voor. Het gaat om de verspilling! Vreselijk toch, dat dit anders állemaal zou worden weggegooid? Die mentalitéit!’

Foto door Mikhail Nilov via Pexels.com

Nog meer fictie lezen? Leef mee met die arme meester Johannes, die zich in het verhaal “Invaller” een weg baant door de schooldag.

Geconcentreerd werken? Veilig vastbijten!

Geschatte leestijd: 4 minuten

Lang voordat moeder natuur haar kinderen uitrustte met pootjes, voorzag ze een primitieve vis van een beweegbare onderkaak. Sindsdien wordt het ding gebruikt voor zaken als eten, praten, vechten en tekstschrijven. Tekstschrijven?

Hap!

Ik hapte laatst gretig toe op een uitdagende, complexe, bedrijfskundige opdracht. Me op het lijf geschreven! Normaal gesproken raak ik snel in een heerlijke flow als ik geconcentreerd werk aan een taai vraagstuk. Urenlang richt ik mijn volle aandacht op alle aspecten van het onderwerp. Ik fiets soms een eindje en schrijf daarna weer een stukje. Et voilà: een prachtige tekst en een blije opdrachtgever.

Maar hier gebeurde wat anders.

Kreunende computer

Wat viel dit tegen, zeg. De benodigde informatie kreeg ik uit de tweede hand, in een vorm die ik lastig vond: flarden van aantekeningen in Excel. Het dwingende format van het op te leveren document verstoorde telkens mijn inhoudelijke focus. Ook mijn laptop had het moeilijk. Die deed kreunend en steunend zijn best, maar kon de template waarin ik de tekst moest schrijven nauwelijks aan. En grote pdf-documenten op het externe scherm kon hij er écht niet meer bij hebben.

Overbelast

Ik liet me niet kisten en beet me stevig vast. Energie en tijd lekten weg in gedoe en geploeter. Zoeken naar stukjes verdwaalde informatie. Documenten en vensters afsluiten omdat de laptop vastliep. Ze even later toch weer openen, omdat ik informatie nodig had. Toekijken hoe een regel moeizaam uitvulde tijdens het typen. Wachten tot de tekst zich schoksgewijs herschikt had. Knip- en plakwerk om lopende tekst op de juiste plek te krijgen, in een documenttype dat daar eigenlijk niet op ontworpen is.

De klus kostte me twee keer zoveel uren als begroot en uiteindelijk leverde ik op de valreep een incomplete conceptversie in. De opdrachtgever moest zelf nog aan de bak, maar was gelukkig enthousiast over de kwaliteit van mijn werk. Zelf was ik alleen maar opgelucht dat het weekend was en ik kon bijkomen. Die nacht droomde ik onrustig, over brokjes tekst en onbegrijpelijke aantekeningen.

Stijve kaken

Zaterdag voelde ik iets bekends, iets verontrustends: stijve kaken, die niet meer wilden ontspannen. In 2016 had ik dat ook. Toen sijpelde de spanning door naar mijn nek, schouders en rug. Dat ik daardoor langzaam ziek werd, merkte ik pas toen begin 2017 het doek viel en ik plotseling tot niets meer in staat was.

geconcentreerd werken zonder afleiding
Afbeelding van DS stories via Pexels

Geconcentreerd werken

Stress door haperende randvoorwaarden is niet zo vreemd voor iemand met een burn-outverleden. Maar ook gezonde mensen raken sneller vermoeid en presteren minder goed als ze hun werkgeheugen belasten met afleiding en bijzaken. Vooral taken die diepe concentratie vereisen lukken minder goed en nemen al snel buitensporig veel tijd.

Manoeuvreren

Het kortetermijngeheugen moet bij complex denkwerk veel informatie tegelijk laden, verbanden leggen, kennis construeren. Het moet manoeuvreren met veel stukjes informatie, maar het heeft een zeer beperkte capaciteit. Achtergrondgeluiden, notificaties, weerbarstige applicaties: alles wat er niet toe doet maar wel om aandacht vraagt, staat soepele informatieverwerking in de weg.

geconcentreerd werken zonder afleiding afbeelding van SHVETS production via Pexels

De meeste mensen kunnen aardig wat afleiding aan voordat ze slecht gaan presteren of mentaal instorten. Ze hebben niet eens door dat cognitieve ruis hun functioneren hindert. Maar is het daarom ook onschadelijk? Moeten we niet zuinig zijn op ons werkgeheugen? Kunnen we het niet efficiënter gebruiken? Dan presteren we beter en maken we tijd vrij voor dingen die echt de moeite waard zijn. En we laden rustig op voor de volgende krachttoer.

Timemanagement en productiviteit

Alle zelfhulpboeken over timemanagement en productiviteit adviseren dan ook om het werkgeheugen te ontlasten. Taken en zorgen die er op dit moment niet toe doen, parkeer je in een systeem buiten je hoofd. Ze komen vanzelf weer in het vizier zodra je ermee aan de slag moet. Zo’n systeem maakt het mogelijk om geconcentreerd te werken, met een diepe focus.

De evergreen Getting Things Done van David Allen is het bekendste boek. Een latere bestseller is bijvoorbeeld Diep werk van Cal Newport. In ons eigen taalgebied verschenen onder meer Focus aan/uit van Mark Tigchelaar en Grip van Rick Pastoor. Wie echt nieuwsgierig is en nieuwe toepassingen wil bedenken, raad ik aan zich te verdiepen in de onderliggende cognitive load theory uit de leerpsychologie.

Schouders

Dat weekend zette ik mijn kaken in de heerlijke veganistische gerechten die mijn schoonzoon voor me kookte. Feldenkrais ontspanningsoefeningen hielpen me om de verkrampte spiertjes een voor een te bevrijden. Ik fietste tientallen kilometers in de omgeving van Weesp. En op LinkedIn nam ik nog een ontspannend advies ter harte van rabbijn Lody van de Kamp: “God heeft ons twee oren gegeven om te horen, twee ogen gegeven om te kijken en twee schouders om op te halen.”

Randvoorwaarden

Maandag had ik er weer helemaal zin in. Mijn honger naar complexe casussen was door deze opdracht alleen maar groter geworden. Maar bovenaan mijn to-do-list voor de nieuwe werkweek noteerde ik twee dingen:

  1. randvoorwaarden formuleren voor geconcentreerd werken
  2. randvoorwaarden formuleren voor aannemen van opdrachten

Ik wil namelijk niet opnieuw met een burn-out achter de geraniums belanden.

Welke randvoorwaarden mogen volgens jou niet ontbreken op mijn lijstjes?

De mijmerende tekstschrijver

Geschatte leestijd: 2 minuten

✔ Rustige werkkamer

✔ Professioneel zit/stabureau

Maar wat heeft een tekstschrijver nou écht nodig?

Stedelijk eiland

Halverwege mijn werkdagen stap ik op de fiets. Weesp is maar klein, een stedelijk eilandje in het groen. Je bent dus in een ommezien omringd door weidse vergezichten. Ideaal voor vruchtbaar mijmerwerk.

Vorige week maakte ik een ommetje langs de Vecht. Ik reed de vesting uit en stak de N236 over. Na een lange rij woonboten leidde het riviertje me naar rechts. Autogeluiden verstomden, het landschap werd dromerig, de tijd verdween in de eeuwigheid. Rechts zag ik boerderijen en velden vol schapen, links wuivende rietpluimen. Er dobberden zwanen, de Vecht glinsterde onder een winterzonnetje.

Leidseplein in het veenlandschap

Na enkele kilometers rees er plots een reusachtig bouwwerk op. Ik stapte af en bekeek het kasteelachtige gebouw. Het was opgetrokken uit rode bakstenen en versierd met lichte ornamenten. Het had een leistenen dak en droeg een torentje. Dit was zo’n bouwsel dat best aan het Amsterdamse Leidseplein had kunnen staan. Maar het stond hier, in het veenlandschap. Zwaanwijck heette het, las ik op de toegangspoort.

Zwaanwijck

Even later reed ik door de Dorpsstraat van Nigtevecht en stuitte op een sierlijke dorpspomp. Op het weelderige smeedijzeren praalwerk las ik “Anno 1893”. De marmeren sokkel vermeldde dat de pomp een geschenk was van Johanna Theunissen, weduwe van Martinus Nicolaas de Pré.

De dorpspomp in Nigtevecht

Langs het Amsterdam-Rijnkanaal reed ik terug naar huis. Daar tikte ik in Google: nigtevecht zwaanwijck de pre.

Echtelieden

In 1880 trouwde de Amsterdamse geldhandelaar De Pré met zijn twintig jaar jongere dienstbode Johanna Theunissen. In 1883 namen ze een vierjarig nichtje in huis. De echtelieden hadden grootse bouwplannen: een villa in neo-renaissancestijl op de achttiende-eeuwse buitenplaats Zwaanwijck bij Nigtevecht. Maar in 1892 overleed Marinus aan cholera, opgelopen door vervuild drinkwater uit de Vecht.

Het echtpaar De Pre-Theunissen met nichtje Johanna

In 1893 schonk Johanna een pomp aan het dorp en voorzag het daarmee van veilig drinkwater. De villa werd voltooid in 1897, maar twee jaar daarna overleed Johanna, 49 jaar oud. De villa liet ze na aan een stichting ter huisvesting van Nederlands Hervormde alleenstaande oudere vrouwen.

Meer lezen over mijn nieuwe woonplaats Weesp?

Van Amsterdam naar Weesp

De mijmerende tekstschrijver

Ik heb een schuilkelder

Van Amsterdam naar Weesp

Geschatte leestijd: 3 minuten

Er is een Achterom, een Achteromstraat en een Achteromdwarsstraat. Een Herengracht, een Oudegracht en een Achtergracht. Een Sleutelsteeg, een Hanensteeg, een Kapelsteeg en een Kerksteeg. Maar ook een Heer Elbertsteeg, een Claes Dellsteeg en een Jan Boutsteeg. Als de straten zo heten, moet een stadje haast wel oud zijn.

fusie weesp amsterdam
De Hoogstraat in de jaren 1910, gezien vanaf het forteiland Ossenmarkt (bron: klik op de afbeelding)

Naar Weesp

Weesp kwam op mijn pad toen ik dit jaar het roer omgooide. Enkele maanden na mijn start als zelfstandig tekstschrijver verhuisde ik van het drukke Amsterdam naar een knusse vintage portiekflat in Weesp. Vlakbij het station en op een steenworp afstand van de schilderachtige grachtjes.

Zompige veengrond

Tot halverwege de middeleeuwen gebeurde er weinig met de zompige veengrond van Holland en Utrecht. Maar tijdens de Grote Ontginning streken er schapenhouders, jagers en een enkele boer neer in het gebied. Her en der ontstonden nederzettinkjes. Eén zo’n gehucht, rond een dam in de Amstel, groeide uit tot Amsterdam. Verderop, aan een ander riviertje, ontstond Weesp.

In de late middeleeuwen verwierven de beide veendorpjes stadsrechten en kregen ze steeds meer economische betekenis. Amsterdam kreeg een belangrijke haven, Weesp brouwde bier met het schone water uit de Vecht. Na de middeleeuwen kozen de prille Hollandse stadjes ieder een eigen richting.

Ondernemen

Ondernemende immigranten uit de zuidelijke Nederlanden namen tijdens de Reformatie de Amsterdamse economie over. Weesp begon met jenever stoken.

In de 17e eeuw hulde het steeds rijker wordende Amsterdam zich in de Grachtengordel, een pompeuze kraag van statige herenhuizen. Weesp groef even buiten de stad een bescheiden Achtergracht en liet een bedrijvig nieuw buurtje verrijzen: Nieuwstad.

Amsterdamse kooplieden verrijkten zich met koloniale wereldhandel. In Weesp vestigde zich een stel wevers, dat met gesubsidieerde weefgetouwen een Weespse lakenindustrie moest beginnen. Zij kregen een eigen straatje, dat nog altijd als Wollenweversbuurt op de kaart is te vinden.

Speelbal

Amsterdam en Weesp lagen maar dertien kilometer van elkaar. Maar veel meer dan Amsterdam was Weesp eeuwenlang speelbal van territoriale conflicten. Ter verdediging wierp de stad in 1672 vier bastions op en verschanste zich achter een singelgracht.

fusie weesp amsterdam
Weesp in 1812 (bron: klik op de afbeelding)

Begin 19e eeuw werd Weesp opgenomen in de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Van rijkswege kreeg het oude centrum in 1861 een lomp torenfort in de maag gesplitst. En in 1892 werd Weesp onderdeel van de Stelling van Amsterdam.

Thuis

In korte tijd ben ik me helemaal thuis gaan voelen in Weesp. Ik ben lid geworden van de bibliotheek en leen daar boeken over de lokale geschiedenis. Eindeloos slenter ik langs grachtjes en door steegjes. Zo ga ik steeds beter snappen hoe het er was. En hoe het er is. Ik wil hier niet meer weg.

Terug

Maar toch keer ik op 24 maart 2022 terug in de schoot van Amsterdam. Mijn nieuwe woonplaats, dit verrassend lieve oude stadje, fuseert dan namelijk met zijn grote broer. Weesp gaat verder als stadsgebied binnen de hoofdstad. Het dappere vestingstadje aan de Vecht verliest na al die jaren alsnog zijn zelfstandigheid.

Meer lezen over mijn nieuwe woonplaats Weesp?

Van Amsterdam naar Weesp

De mijmerende tekstschrijver

Ik heb een schuilkelder